Klik op een van de onderstaande onderwerpen voor meer informatie.
1. Diepte boringen
Bodem Belang heeft ruim zestig jaar ervaring met boringen en geotechnisch en milieutechnisch onderzoek. In Nederland blijkt de bovengrond tot circa 10 a 20 meter min maaiveld hoofdzakelijk te bestaan uit humeus siltig zand, klei of veen. Deze lagen geven door hun slechte doorlaatbaarheid slecht hun warmte af. In de grove grindige zandpakketten van de diepe ondergrond kan grondwater goed doorstromen waardoor aanvoer en afgifte van temperatuur zeer goed zijn. Wij boren tot ruim 120 meter waardoor de wisselaars zich voor ruim 80 tot 90 % in deze laag bevindt.
2. De warmtewisselaar
De warmtewisselaars die wij gebruiken zijn gemaakt van Polyethyleen, rond 32 mm
en hebben een wanddikte van 2,9 mm. Op de wisselaars zit een fabrieksgarantie van
5 jaar. Een belangrijk punt is dat alle wisselaars apart naar een verdeelblok gaan
voordat deze worden aangesloten op de warmtepomp. Een belangrijk voordeel is dat er
nog apart sturing mogelijk is op de wisselaars en, in geval van een calamiteit kan een
wisselaar worden uitgesloten van deelname zonder dat het gehele systeem stil moet
worden gelegd.
3. Inhoud warmtewisselaar
4. Locatie wisselaars en tracé
Alle wisselaars en het tracé worden ingemeten met GPS en geïmporteerd in de kadastrale tekening.
5. Aandachtspunten bodemsysteem
Voor het bodemsysteem zijn een aantal dingen van belang.
- Diepte van de bodemwisselaars in verband met een lagere afgifte in de bovengrond;
- Aantal bodemwisselaars t.b.v. voldoende vermogen voor het verwarmen, maar ook koelen! Jaarlijks kan vraag voor warmte en koeling 40-50% afwijken. Een 20% groter bodemsysteem heeft een groot bufferend vermogen wat het rendement (COP) van de warmtepomp ten goede komt;
- De minimale onderlinge afstand tussen de bodemwisselaars;
- Type verticale bodemwisselaar (materiaal, diameter en wanddikte);
- De toevoeging (antivries) in het bodemsysteem;
- Aansluiting van de diverse verticale bodemwisselaars (gescheiden op verdeelblok, voldoende straalbochten voor invoering in pand);
- Plaats, indien mogelijk, het verdeelblok van het bodemsysteem haaks in de hoek naast de warmtepomp;
- Afwerking van het bodemsysteem na aanleg (maaiveld, geen koppelingen , maar elektrisch lassen, invoering in pand, aansluiting op warmtepomp en complete situatieschets met ingemeten boringen en tracé).